De Nederlandse staat schiet tekort in zijn grondwettelijke plicht om de gelijke behandeling van inwoners van Bonaire, Sint Eustatius en Saba te waarborgen, stelt de nationale coördinator tegen discriminatie en racisme Rabin Baldewsingh in een rapport.
Uit het rapport blijkt dat inwoners te kampen hebben met structurele nadelen op het gebied van armoede, gezondheidszorg, onderwijs en infrastructuur die in strijd zijn met de nationale grondwet, die gelijke behandeling voor alle burgers garandeert. Alle drie de Caribische eilanden zijn vijftien jaar geleden bijzondere lokale overheden van Nederland geworden.
Eén op de drie mensen op de eilanden leeft in armoede; een percentage dat tien keer zo hoog is als in Europees Nederland.
Van de middelbare scholen op de eilanden voldoen twee op de drie niet aan de basiskwaliteitsnormen. Van de studenten uit heel Caribisch Nederland – waartoe ook Aruba, Curaçao en Sint Maarten behoren – die doorstromen naar het hoger beroepsonderwijs, studeert slechts 23% binnen vijf jaar af, tegen 53% in Europees Nederland.
De Bonaireaanse consumentenvereniging Unkobon daagde de staat in 2022 voor de rechter vanwege wat zij ‘vermalende armoede’ op het eiland noemde.
Juridisch precedent
Baldewsingh zei dat de kloof niet langer een kwestie van subjectieve interpretatie is. In januari oordeelde de rechtbank Den Haag dat de regering inwoners van Bonaire op grond van artikel 14 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens had gediscrimineerd door geen klimaatplan voor het eiland op te stellen. Het kabinet gaat in beroep tegen de uitspraak.
Sommige internationale mensenrechtenverdragen, waaronder het Verdrag van Istanbul inzake geweld tegen vrouwen en het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, zijn nog niet uitgebreid naar Caribisch Nederland. Een antidiscriminatiewet voor de drie eilanden werd pas op 1 januari van dit jaar van kracht, vijftien jaar nadat ze deel van het land werden.
Het rapport roept het parlement ook op om een constitutionele clausule te herschrijven die andere regels voor Caribisch Nederland mogelijk maakt, zodat deze alleen kan worden gebruikt ter ondersteuning van maatregelen die de eilanden dichter bij gelijkheid met Europese gebieden brengen, in plaats van om lagere normen te rechtvaardigen.
Aanbevelingen
Andere aanbevelingen in het rapport zijn onder meer het uitbreiden van alle lopende mensenrechtenverdragen naar de eilanden tegen 2030, een prijsplafond voor nutsvoorzieningen en internet, het kwijtschelden van studieleningen voor eilandbewoners die na hun studie in Europa naar huis terugkeren, en een openbaredienstverplichting om de kosten van vluchten tussen Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten omlaag te brengen.
Een retourvliegticket van Saba naar Sint Maarten, minder dan 50 kilometer uit elkaar, kost momenteel maximaal $ 425 (ongeveer € 365).
Baldewsingh stelt dat de ongelijkheid niet los kan worden gezien van het Nederlandse koloniale verleden, en dat elk verschil in behandeling tussen de Europese en Caribische delen van het land alleen geoorloofd is als het dient om gaten te dichten en niet om ze in stand te houden.









