Economen van RaboResearch verwachten dat de prijsstijging van bestaande koopwoningen op de krappe Nederlandse woningmarkt de rest van dit jaar zal afvlakken naar nul. Dit is deels te wijten aan de verslechterende economische omstandigheden veroorzaakt door de oorlog in het Midden-Oosten, vergeleken met eerdere voorspellingen, aldus de onderzoekers.
De economische groei valt lager uit en de inflatie stijgt. Volgens woningmarkteconoom Carola de Groot van RaboResearch heeft dit gevolgen voor de woningmarkt. “Door de hogere inflatie en de toenemende inflatierisico’s zal de kapitaalmarktrente naar verwachting verder stijgen. Deze bepalen op hun beurt de hypotheekrente, en dat zet de leencapaciteit van huishoudens onder druk”, legt ze uit.
Er wordt verwacht dat de lonen sterker zullen stijgen dan eerder werd gedacht, maar dat is niet genoeg om de effecten van hogere rentetarieven te compenseren, zei ze. Dit drukt de vraag naar koopwoningen.
De economen verwachten dat de huizenprijzen over heel 2026 met 2,8 procent zullen stijgen en in 2027 met 2 procent. Dit betekent volgens hen dat de huizenmarkt duidelijk aan het afkoelen is vergeleken met de afgelopen jaren.
Verder verwacht RaboResearch dit jaar nog meer nieuwbouwwoningen, maar daarna zal dat aantal weer afnemen. “Aanhoudende knelpunten, zoals lange doorlooptijden, netcongestie en de stikstofcrisis, blijven de sector teisteren”, aldus De Groot. Volgens haar dragen de effecten van de hogere hypotheekrente als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten hieraan bij.
Ze verwacht ook dat de bouwproductie verder onder druk zal komen te staan naarmate de bouwkosten stijgen als gevolg van de toenemende inflatie. “Dat zou het moeilijker kunnen maken om projecten financieel levensvatbaar te maken.”
Door de vertraging van de verkoopgolf van voormalige huurwoningen en minder nieuwbouw zal de marktkrapte volgend jaar weer wat toenemen. Volgens De Groot zullen de prijsstijgingen echter beperkt blijven door de hogere rente en de aanhoudende economische onzekerheid.












