Slechts één op de vijf Nederlandse bedrijven heeft voorzorgsmaatregelen genomen tegen grote noodsituaties, zoals langdurige stroomstoringen als gevolg van cyberaanvallen of sabotage, blijkt uit onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken.
Het ministerie startte een campagne om bedrijven aan te moedigen noodhandleidingen, crisisscenario’s en alternatieve energievoorzieningen te ontwikkelen, omdat burgemeesters waarschuwen dat aanvallers hun inspanningen intensiveren en een succesvolle aanval op het elektriciteitsnetwerk op handen is.
Burgemeester Marianne Schuurmans-Wijdeven van Haarlemmermeer, voorzitter van het Nederlands Genootschap van Burgemeesters en lid van de Nationale Veiligheidsraad, zei dat de dreiging niet kan worden genegeerd. “Het is niet de vraag óf, maar wanneer er een langdurige stroomstoring op ons pad komt”, zegt ze tegen AD. “Kon je eens zien welke pogingen er dagelijks worden ondernomen om ons elektriciteitsnet te ondermijnen.”
Schuurmans-Wijdeven bezocht een elektriciteitscentrale op de Maasvlakte die 8 procent van de energie voor de Randstad levert. “Als ik van hen hoor hoeveel werk ze dagelijks hebben om aanvallen op hun systeem af te weren, dan is de kans simpelweg heel groot dat een van die aanvallen ooit zal slagen”, zegt ze.
“Een stroomstoring is het ergste dat ons kan overkomen”, zegt Schuurmans-Wijdeven. “We zijn zo afhankelijk van elektriciteit. Als je onrust in een land wilt aanwakkeren, dan is dit de manier.”
Ze voegde eraan toe dat bedrijven een cruciale rol spelen. “Bedrijven moeten ervoor zorgen dat Nederland de economische stabiliteit behoudt en de bevolking adequaat bevoorraadt.”
Uit een onderzoek van Motivaction blijkt dat ondernemers weliswaar bang zijn voor de gevolgen van internationale spanningen en cyberaanvallen, maar slechts drie op de tien ondernemers weten hoe ze een noodsituatie kunnen voorkomen of aanpakken. Slechts één op de vijf heeft voorzorgsmaatregelen genomen of kritische processen in kaart gebracht. Een derde verwacht binnenkort met ten minste één noodsituatie te maken te krijgen, en een kwart denkt al schade te hebben geleden door ten minste één dergelijke situatie.
Schuurmans-Wijdeven noemde het gebrek aan voorbereiding zorgelijk. “Of het nu afkomstig is van criminelen of van buitenlandse entiteiten, het feit is dat de aanvallen er zijn en dat ze steeds verder gaan”, zei ze. “Het is van cruciaal belang dat bedrijven begrijpen dat ze een solide continuïteitsplan nodig hebben.”
Ze zei dat bedrijven specifieke vragen moeten beantwoorden: hoe de communicatie zal werken als het internet uitvalt en telefoonverkeer onmogelijk is; hoe gebouwen toegankelijk blijven als elektrische sloten niet meer functioneren; of er alternatieven zijn voor elektrisch vervoer; en of er een papieren draaiboek bestaat als computers uitvallen.
Plaatsen als de luchthaven Schiphol en de haven van Rotterdam worden in elk dreigingsscenario vaak gezien als risicovolle doelwitten. De Russische televisie zou zelfs hebben gespeculeerd over het gebruik van een klein tactisch kernwapen in de Rotterdamse haven om het Westen af te schrikken. Schuurmans-Wijdeven is als burgemeester van Haarlemmermeer direct betrokken bij de veiligheid op Schiphol.
Toch benadrukte ze dat overal waakzaamheid geboden is. Ze zei: “Ja, er zijn kwetsbare plekken waar het eerder kan gebeuren omdat de gevolgen groter zijn, maar tegelijkertijd worden daar verschillende maatregelen genomen en liggen er plannen klaar.” “Ik vind het belangrijk dat heel Nederland aan de slag gaat.”
Uit het onderzoek blijkt ook dat ondernemers kritisch staan tegenover de overheid: slechts 10 procent vindt dat de overheid genoeg doet om een veerkrachtige economie te creëren.
Schuurmans-Wijdeven zei dat bedrijven niet eerst naar de overheid moeten kijken voor hulp. “Ik zag dat ze vinden dat de overheid middelen moet vrijmaken om dat te kunnen doen, maar dat vind ik opmerkelijk”, zegt ze tegen het AD. “Het gaat om je bedrijfsvoering, om je bestaansrecht. Dat moet bij het DNA van een ondernemer horen, zoals veiligheid of een goede werkomgeving. Als je wilt dat je bedrijf blijft draaien, zul je zelf moeten investeren.”
Ze erkende dat de verandering in het denken moeilijk is na jaren van veiligheid. “We zijn al zo lang veilig, het is onvoorstelbaar dat we nu met zulke dingen bezig zijn”, zei ze. “Ik ben geen doemdenker, maar ik moet in scenario’s denken. En die aanvallen zullen niet wachten tot wij er klaar voor zijn, dus moeten we zo snel mogelijk aan de slag.”











