Gemeenteraadsleden in heel Nederland hebben hun beloning sinds de laatste gemeenteraadsverkiezingen in 2022 scherp zien stijgen, waarbij de uitkeringen in vier jaar tijd met bijna 21 procent zijn gestegen, blijkt uit een analyse van het ANP op basis van jaarcijfers. De stijging is aanzienlijk groter dan de groei in de voorgaande periode 2018-2022.
Raadsleden ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding, waarbij het bedrag wordt bepaald door de bevolkingsomvang van de gemeente waarin zij werkzaam zijn. In gemeenten met minder dan 40.000 inwoners ontvangen raadsleden de laagste vergoeding: 1.305,79 euro bruto per maand.
Aan de andere kant van de schaal ontvangen raadsleden in de grootste steden van het land – Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht – de maximale maandelijkse uitkering van 3.200 euro. Deze steden hebben elk ruim 375.000 inwoners.
De toeslagen worden ieder jaar automatisch aangepast op basis van de salarisontwikkelingen binnen de Rijksoverheid. Als gevolg hiervan stijgen de betalingen doorgaans iets sneller dan de inflatie. De laatste jaren zijn de stijgingen groter dan voorheen: sinds 2024 stijgt de compensatie jaarlijks met ruim 5 procent.
Bevolkingsgroei kan gemeenten ook in een hogere compensatiecategorie duwen. In Utrecht is het bevolkingsaantal gegroeid naar ruim 375.000 inwoners, waardoor raadsleden dit jaar recht hebben op het hoogste uitkeringsniveau. Hun maandsalaris is nu ruim 1.000 euro hoger dan in 2022.
Gemeentelijke fusies kunnen een soortgelijk effect hebben. Wanneer gemeenten samengaan, kan de nieuw gevormde gemeente in een hogere bevolkingsgroep terechtkomen. Een dergelijke verandering wordt volgend jaar verwacht als Hilversum en Wijdemeren een gemeentelijke reorganisatie ondergaan.
Abdullah Uysal, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Raadsleden, zei dat de stijgende betalingen een weerspiegeling zijn van de toenemende eisen aan de functie.
“Het is logisch dat de vergoedingen de afgelopen jaren zijn gestegen, omdat het kantoor ook zwaarder en complexer is geworden”, aldus Uysal. “Raadsleden hebben door decentralisaties meer verantwoordelijkheden gekregen en ervaren daardoor een hoge werkdruk. Ook de sociale druk op de functie is toegenomen.”
Uysal voegde eraan toe dat financiële compensatie alleen niet voldoende is om lokale politici te steunen. “Naast de vergoeding zijn goede arbeidsomstandigheden minstens zo belangrijk”, zegt hij. “Om het lidmaatschap van een raad aantrekkelijk te houden voor mensen met verschillende achtergronden, moeten deze voorwaarden goed geregeld zijn.”










