Belgen steken hun spaargeld massaal in staatsbon: ‘Gaat om het principe’

0
17
Een filiaal van BNP Paribas Fortis in Keerbergen

NOS Nieuws

In Keerbergen, de rijkste gemeente van Vlaams-Brabant, staan nogal wat spaarpotjes. En de inwoners zijn het over één ding roerend eens: bij de bank krijg je te weinig voor een appeltje voor de dorst. De rente op vrij opneembare spaarrekeningen is in België gemiddeld iets meer dan een schamele half procent. En dat terwijl de Europese Centrale Bank (ECB) de rente in sneltreinvaart heeft opgeschroefd naar 3,75 procent.

“Belgische banken nemen hun verantwoordelijkheid niet. Ze geven gewoon te weinig spaarrente”, moppert een inwoner van Keerbergen. Hij zette een deel van zijn spaargeld daarom over in een zogenoemde staatsbon. Die introduceerde de Belgische minister Van Peteghem van Financiën in reactie op de lage spaarrente.

In zes dagen tijd werd bijna 12,5 miljard euro van spaarrekeningen omgezet in staatsbons, de omschrijving die de Belgen gebruiken als het meervoud van de term. Belgen kunnen er hun geld voor minimaal een jaar mee vastzetten, voor een rente van 2,81 procent. “Ook niet overdreven veel rente. Maar het gaat om het principe”, benadrukt de Keerbergenaar.

Het grote animo voor de staatsbons verrast economen. “Ik had gedacht dat er rond de 5 miljard euro zou worden opgehaald met de staatsbons”, reageert Paul De Grauwe, die doceert als hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven. “Er staat voor bijna 300 miljard euro’s op deposito’s bij banken. Dus is vermoedelijk 4 procent aan spaargeld van banken naar staatsbons gegaan. Dat is echt omvangrijk.”

Wake-upcall

De Grauwe hoopt dat de bon een wake-upcall voor banken is. “Belgische banken bieden de helft minder spaarrente dan banken in Nederland”, verwijst hij naar de spaarrente van de Nederlandse grootbanken, die nu op 1,5 procent ligt.

Toch verwacht De Grauwe niet dat het succes van de staatsbon voldoende angst zaait bij banken om de spaarrente snel te verhogen. “Het zou goed zijn als het een paar keer herhaald wordt. Dit is een soort stok die de minister hanteert om banken mee te slaan. Eén keer slaan zal vermoedelijk niet voldoende zijn. Ik denk dat je echt een paar keer moet slaan.”

Harald Benink, hoogleraar Banking & Finance aan de universiteit van Tilburg, denkt dat de staatsbon in ieder geval de discussie op scherp zet over de spaarrentes die achterblijven bij de hoge ECB-rente. “We zien al dat het debat heel intens wordt. Als de hoge winsten ook in het tweede halfjaar weer komen aanwaaien, dan zou in Den Haag de discussie kunnen kantelen. Door de winsten af te gaan romen met een hogere bankenbelasting.”

Daar is Benink zelf geen voorstander van. “Het zou beter zijn als ze de spaarrentes zelf geleidelijk gaan verhogen.”

Kamerbrief

Hoewel demissionair minister Kaag banken heeft bekritiseerd over de lage spaarrentes, zegt een woordvoerder van het ministerie van Financiën dat een Nederlandse staatsbon niet aan de orde is. Wel vindt er overleg met banken plaats over de spaarrente. Hierover volgt volgens de woordvoerder nog een Kamerbrief.

Benink voelt zelf weinig voor het kopiëren van het Belgische initiatief van kortlopend schuldpapier voor particulieren in Nederland. “Je moet heel goed bedenken dat als je dat geld tussentijds nodig hebt, de kans bestaat dat de waarde lager is geworden. Dus je loopt er risico’s mee.”

Risico’s zijn ook wat Keerbergen verdeelt over de staatsbons. “Ik vertrouw het hele zaakje niet”, zegt een oudere inwoner. Zij verwijst naar het schandaal met vakbondsobligaties van Arcopar van tien jaar geleden. “Er zijn 800.000 spaarders die niets van hun geld hebben teruggezien. Nee, wij houden ons geld gewoon op de bank. We worden er niet schatrijk van, maar we weten waar het staat.”

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here