Een van de grootste woningverhuurders van Nederland, Vesteda, zal mogelijk een deel van zijn 28.000 woningen moeten verkopen, omdat investeerders zich massaal terugtrekken uit een van zijn grote vastgoedfondsen.

Vesteda maakte begin maart in een persbericht bekend dat vrijwel alle beleggers in het Vesteda Residential Fund een gedeeltelijke of volledige aflossing van hun beleggingen hadden aangevraagd, ter waarde van in totaal € 4,1 miljard. Het bedrag vertegenwoordigt 52% van de totale waarde van het fonds.

Recente hervormingen van het Nederlandse belastingstelsel hebben de vastgoedmarkt minder aantrekkelijk gemaakt voor buitenlandse investeerders, onder meer door de overdrachtsbelasting te verhogen naar 10,4% voor tweede woningen en strengere huurcontroles voor woningen in het middensegment.

Sinds januari vorig jaar is het fiscale beleggingsinstellingen verboden om rechtstreeks in onroerend goed te beleggen, een maatregel die bedoeld was om een ​​maas in de wet te dichten waardoor buitenlandse investeerders de Nederlandse vennootschapsbelasting konden ontwijken.

Het effect is dat internationale investeerders, zoals pensioenfondsen, van de Nederlandse markt zijn afgeschrikt en een uitverkoop van huurwoningen is teweeggebracht, in een tijd waarin het nieuwe kabinet het aanpakken van het nationale woningtekort tot zijn topprioriteit heeft gemaakt.

Vesteda heeft laten weten in onderhandeling te zijn met beleggers om hun aflossingsverzoeken te verminderen en heeft hen tot 20 april de tijd gegeven om het bedrag naar beneden bij te stellen.

Op dat moment zullen de verzoeken worden afgerond en heeft het bedrijf drie jaar de tijd om het geld bijeen te brengen om ze af te betalen. In juni moet een liquiditeitsplan aan de beleggers worden voorgelegd.

Afkoeling van de markt

Maar analisten hebben gewaarschuwd dat de verkoop van een deel van Vesteda’s portefeuille onvermijdelijk lijkt. De voorwaarden van het fonds houden in dat beleggers slechts om de zeven jaar grootschalige aflossingen kunnen aanvragen, waardoor dit voor hen de eerste mogelijkheid is om met hun voeten te stemmen sinds de belastingwijzigingen van kracht werden.

De ontwikkelingen op de Nederlandse vastgoedmarkt, waar de prijzen in zes jaar tijd met meer dan 50% zijn gestegen, maar de trend de afgelopen twaalf maanden is vertraagd, hebben beleggers er ook toe aangezet hun kapitaal naar elders te verplaatsen.

Vesteda benadrukte in zijn persbericht dat de uittocht van investeerders geen weerspiegeling was van de prestaties van zijn woningfonds, dat volgens hem “de afgelopen jaren uitstekend was”.

CEO Astrid Schlüter zei tegen BNR Nieuwsradio: “We voeren goede gesprekken met onze aandeelhouders en we wisten dat dit eraan zat te komen. Het laatste woord is nog niet gesproken.”

Maar ze zei dat het verlies aan investeringskapitaal het voor de overheid moeilijker zou maken om haar doelstellingen te verwezenlijken, zoals het bouwen van 100.000 woningen per jaar, inclusief betaalbare huurwoningen.

“Uiteraard willen we dat er kapitaal naar Nederland stroomt, vooral voor de woningbouw”, aldus Schlüter. “Als je ziet dat we in Nederland een miljoen huizen tekort komen, betekent dat dat we zo’n 400 miljard euro moeten vinden.”

Share.
© 2026 Nederlandkeer. Alle rechten voorbehouden.
Exit mobile version