Nieuwsbericht | 12-03-2024 | 12:31
De Nederlandse staatssecretaris van Belastingzaken Van Rij en minister Abdul Hassan Mahmood Ali van Bangladesh hebben op 12 maart in Dhaka hun handtekening gezet onder een nieuw bilateraal belastingverdrag. Het doel van het verdrag is het voorkomen van dubbele belastingheffing en het bevorderen van de economische belangen van Nederland en Bangladesh.
Bangladesh is een belangrijke Nederlandse handelspartner. De twee landen zijn al jaren partners op het gebied van duurzaam, inclusief en verantwoord ondernemen en Bangladesh heeft de laatste tijd grote vooruitgang geboekt in zijn ontwikkeling. Zozeer zelfs dat het vanaf 2026 als middeninkomensland zal worden beschouwd. Nederland wil met dit nieuwe belastingverdrag de ontwikkeling van het land verder ondersteunen.
Uitgebreide belastingrechten
Daartoe zal Bangladesh op grond van het verdrag meer belastingrechten krijgen. Nederland heeft in 2020 nieuw beleid aangenomen op het gebied van belastingverdragen. Bangladesh is het eerste ontwikkelingsland met lage inkomens waarmee Nederland inmiddels een nieuw verdrag heeft gesloten dat de bronstaat het recht geeft om brutobetalingen voor technische diensten te belasten. Dit betekent dat Bangladesh het recht heeft om 10% belasting te heffen over betalingen vanuit Bangladesh aan een Nederlandse dienstverlener voor technische diensten verleend in Bangladesh. Er worden ook meer rechten op bronbelasting toegekend door de bepaling over vaste inrichtingen in het verdrag uit te breiden. Dit maakt het waarschijnlijker dat een in het ene land gevestigde onderneming een belastbare aanwezigheid zal hebben in het andere land, bijvoorbeeld wanneer zij diensten verleent of verzekeringsactiviteiten uitoefent. Ook is afgesproken dat de bronstaat winsten uit de vervreemding van aandelen en vergelijkbare belangen in bedrijven die grotendeels uit onroerend goed bestaan, mag belasten.
Het verdrag bevat ook regelingen om belastingontwijking te voorkomen. Deze en andere bepalingen in het verdrag zorgen ervoor dat het voldoet aan de minimumnormen van het OESO/G20 Base Erosion and Profit Shifting Project ter bestrijding van belastingontwijking.
Nederland werkt aan het vergroten van de capaciteit van ontwikkelingslanden om belastingen te heffen, bijvoorbeeld door middel van een project waarbij 23 ontwikkelingslanden, waaronder Bangladesh, betrokken zijn. Deze inspanningen vinden hun basis in de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen (SDG’s). Een belangrijke SDG-doelstelling betreft het verbeteren van het vermogen om binnenlandse inkomsten te genereren van ontwikkelingslanden.
Volgende stappen
Voordat het verdrag in werking kan treden, moet het noodzakelijke proces dat tot ratificatie leidt in beide landen zijn voltooid. In Nederland worden verdragen eerst voor advies aan de Raad van State voorgelegd en vervolgens binnen vier maanden na ondertekening ter goedkeuring aan het parlement voorgelegd.

