Nederlandse aanklagers zullen geen strafrechtelijke vervolging instellen tegen de vijf soldaten in verband met bosbranden die zijn ontstaan ​​tijdens oefeningen van het ministerie van Defensie in Ede op 3 april 2025 en in Oirschot op 27 augustus 2025.

Het Openbaar Ministerie heeft een strafrechtelijk onderzoek ingesteld nadat er vermoedens waren ontstaan ​​dat bij de oefeningen het dienstreglement werd overtreden.

Na voltooiing van de onderzoeken besloten de aanklagers dat het niet gepast was om individueel militair personeel strafrechtelijk aansprakelijk te stellen voor de branden. Alle rechtszaken tegen de vijf als verdachten geïdentificeerde soldaten zijn geseponeerd.

Aanklagers benadrukten dat het ministerie van Defensie de verantwoordelijkheid draagt ​​om het risico op natuurbranden tijdens trainingsoefeningen zoveel mogelijk te beperken. Die plicht vereist de juiste aandacht voor protocollen, veiligheidsvoorschriften en instructies die aan deelnemende troepen worden gegeven. Om die reden deelden onderzoekers de volledige resultaten van de onderzoeken in Ede en Oirschot met Defensie. Tijdens een bijeenkomst met aanklagers beloofden defensiefunctionarissen actie te ondernemen op basis van de lessen en verbeterpunten die uit de onderzoeken naar voren kwamen.

Hetzelfde zal gebeuren met onderzoeken naar vier recentere branden: Otterlo op 21 april, ‘t Harde op 29 april en branden in Weert en Oirschot op 30 april. Die bevindingen worden doorgegeven aan Defensie zodra de Koninklijke Marechaussee klaar is met haar werkzaamheden.

Share.
© 2026 Nederlandkeer. Alle rechten voorbehouden.
Exit mobile version