Akkoord over geld voor jeugdzorg, nu inhoudelijke verbeteringen nog

0
22
Staatssecretaris Van Ooijen

NOS NieuwsAangepast

Gemeenten en het kabinet hebben na lang onderhandelen een principeakkoord bereikt over het geld dat de komende jaren beschikbaar is voor de uitvoering van de jeugdzorg. Nu dat conflict uit de wereld is, moeten er nog wel inhoudelijke afspraken worden gemaakt over hoe de slecht functionerende jeugdzorg verbeterd moet worden.

Staatssecretaris Maarten van Ooijen (VWS) schrijft aan de Tweede Kamer dat de voorgenomen bezuinigingen de komende twee jaar worden “verzacht”. In 2024 en 2025 blijft er in totaal 385 miljoen euro meer beschikbaar dan eerst de bedoeling was.

Hij noemt het akkoord “een belangrijke stap naar verbetering van de jeugdzorg”. Het is volgens Van Ooijen nu aan alle betrokkenen om overeenstemming te bereiken over de inhoud van de hervormingen van de jeugdzorg.

Er is al jaren veel te doen over de zorg aan jongeren en kinderen die met problemen kampen. In 2015 werd de uitvoering van die zorg overgedragen aan de gemeenten. De verwachte verbeteringen bleven uit.

Rekenkamer snoeihard

De kosten liepen op, de wachtlijsten werden langer en hulpverleners werden geconfronteerd met veel administratieve lasten. Die problemen zijn nog steeds niet opgelost, Het gevolg is dat kinderen niet of te laat de zorg krijgen die ze nodig hebben, constateerde de Algemene Rekenkamer vorige week nog in een snoeihard rapport.

Over het principeakkoord over de financiering is anderhalf jaar onderhandeld. De gemeenten, verenigd in de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) liepen te hoop tegen de ingeboekte bezuinigingen voor de komende jaren. De gesprekken over de noodzakelijke hervormingen kwamen er zelfs door stil te liggen.

De VNG is blij dat het akkoord er nu ligt, maar waarschuwt voor al te veel euforie. “Hoewel deze overeenstemming een belangrijke eerste stap is, moeten we ons realiseren dat er nog veel werk te doen is om de jeugdzorg in Nederland te verbeteren.”

Aanvankelijk was het de bedoeling dat er vanaf dit jaar 374 miljoen euro per jaar zou worden bezuinigd, oplopend tot 570 miljoen in 2025. De afgesproken verzachting betekent dat de bezuinigingsopgave de komende twee jaar niet stijgt, maar 374 miljoen euro blijft.

Cathalijne Dortmans, die namens de VNG onderhandelde, spreekt over een “pauzeknop op de bezuinigingen” die nu ingedrukt is. “Het is belangrijk dat we deze hobbel nu hebben kunnen nemen. Gemeenten kunnen nog verschillende verbeteringen doorvoeren waarmee we hopelijk ook die bezuinigen kunnen realiseren.”

‘Volgorde andersom’

Ook de zorgverleners in de jeugdzorg vinden het goed dat het conflict tussen het kabinet en de gemeenten nu uit de wereld is, maar ze hebben nog steeds zorgen. Zo zouden ze het veel logischer vinden dat er eerst gekeken wordt naar de benodigde maatregelen om de jeugdzorg te verbeteren en daar vervolgens een passend budget bij wordt bepaald. “Nu is de volgorde opnieuw andersom.”

De gemeenten en het kabinet hebben afgesproken dat er een commissie van deskundigen wordt ingesteld, die advies kan uitbrengen tijdens de uitvoering van de hervormingen. Als de gemeenten toch meer geld kwijt zijn aan de jeugdzorg dan afgesproken, dan kan die commissie om advies worden gevraagd.

Nu het principeakkoord gesloten is, moeten de afzonderlijke gemeenten er nog wel mee instemmen. Zij buigen zich erover op 14 juni.

Nu de hobbel over de financiën genomen is, kan er volgens de staatssecretaris “binnen afzienbare tijd” overeenstemming worden bereikt met de hulpverleners en de jongeren zelf over de inhoudelijke verbeteringen.

Niet altijd naar hulpverlener

Van Ooijen wil vooral dat de kinderen met de ernstigste problemen veel sneller de hulp krijgen die ze nodig hebben. Nu gaat er ook veel aandacht naar minder zware gevallen en dat gaat soms ten koste van de kwetsbaarste kinderen.

Inmiddels krijgt een op de zeven kinderen enige vorm van jeugdzorg. Van Ooijen vindt dat geen goede ontwikkeling, maakte hij twee weken geleden duidelijk in een opiniestuk in het AD.

Hij wil een “maatschappelijke dialoog” starten over de vraag of de gang naar een hulpverlener wel altijd nodig is. Problemen waar jongeren veel mee kampen, zoals eenzaamheid, kunnen misschien ook wel op een andere manier opgelost worden.

Die oproep leidde tot veel reacties, ook van de staatssecretaris zelf. “Ik heb helaas berichten gekregen van kinderen die zichzelf snijden, die anorexia hebben en die zich aangesproken voelden. Ik wil heel duidelijk tegen deze kinderen zeggen: dit gaat niet over jullie. Sterker nog: voor deze kinderen moet die hulpverlener juist sneller beschikbaar zijn.”

Van Ooijen wil de lucht klaren over zijn bedoelingen:

‘Kinderen voelden zich onterecht aangesproken door mijn uitspraken’

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here