Benen van Pogacar voelen goed, van zijn pols is hij minder zeker

0
39

NOS Wielrennen

De pols. Steeds weer die pols. Als verslaggevers er niet naar vragen, dan refereert Tadej Pogacar er zelf wel aan. De pas 24-jarige Sloveense wonderboy van het wielrennen schat de mobiliteit van het gewricht nu op ‘zestig tot zeventig procent’.

Pogacar ziet Vingegaard als ‘dé man voor deze Tour’

De pols die hij eind april brak tijdens Luik-Bastenaken-Luik en hem twee maanden aan de kant hield. Ineens zat de man van het voorjaar met zeges in Parijs-Nice, de Ruta del Sol, de Ronde van Vlaanderen en de Amstel Gold Race thuis.

“De benen zijn goed”, zegt Pogacar tijdens de officiële persconferentie voor de start van de 110de editie van de Tour de France. Maar het winnen van de Sloveense titel, afgelopen zondag, is wat anders dan de eindzege in het Critérium du Dauphiné, waarmee zijn Deense rivaal Jonas Vingegaard zich nadrukkelijk kandidaat heeft gesteld voor prolongatie van de Tourwinst.

Op de hometrainer met een brace

Pogacar trainde de voorbije weken, meer dan hem lief was, onder leiding van zijn fysiotherapeut op de hometrainer; met een brace om zijn pols. “Dat was een compleet nieuwe ervaring”, zegt de renner van UAE Emirates, die er deze week tijdens een trainingsrit wel alweer een wheelie uitgooide op zijn achterwiel.

Maar daaruit mogen geen conclusies worden getrokken over zijn pols. “Die wheelie was nog niet perfect, want dan had ik ‘m tot de top moeten volhouden. Uit de scan die maandag is gemaakt, blijkt dat twee van de drie botjes zijn geheeld. Ik voel geen pijn meer. Ik heb geen meerdaagse voorbereidingskoers kunnen rijden, maar de trainingen gingen goed. Hopelijk ben ik er klaar voor.”

Tadej Pogacar tijdens een trainingsrit met zijn ploeg UAE Team Emirates

Klaar voor een hernieuwd gevecht met Vingegaard, met als inzet de derde Tourzege voor de Sloveen, die in 2020 imponeerde door in zijn debuut in La Grande Boucle meteen als winnaar in Parijs te staan. Dat deed hij in 2021 opnieuw, maar vorig jaar was Pogacar niet opgewassen tegen het teamspel en de overmacht van Jumbo-Visma.

Op de vraag of de nederlaag tegen Vingegaard nog in zijn hoofd zit, zegt Pogacar: “Ik denk niet aan Jumbo-Visma. Er zijn ook andere ploegen die goed zijn. In het wielrennen moet je vooral focussen op jezelf. Goed, ik had de Tour kunnen winnen vorig jaar, maar Jonas Vingegaard was met zijn ploeg op sommige momenten net iets beter.”

Over de Vingegaard van 2023 is Pogacar stellig: “Hij is dé man voor deze Tour. Hij domineerde de Dauphiné en dan was hij nog niet eens in topvorm, zei hij zelf.”

Dé man van het voorjaar wint de Waalse Pijl

Als de vragen over de pols, Vingegaard en Jumbo-Visma op zijn, komt het onderwerp Adam Yates aan bod. De Britse teamgenoot van Pogacar eindigde in de Dauphiné op ruim twee minuten als tweede achter Vingegaard.

“Hij deed het daar goed. Liever heb ik het over het team. Samen kunnen we sterk zijn. We willen allemaal hetzelfde. Wie er klaar voor is, moet het doen. Het is voor mij ook geen probleem om het kopmanschap te delen. De vorm van Adam is goed, ik ben nog niet honderd procent in conditie, heb nauwelijks een koers gereden. Beter heb je dan een plan B.”

Gaat Pogacar meteen voor het geel in de eerste Tourweek, die anders is dan voorgaande jaren? “Die eerste week is behoorlijk lastig, explosief. Er zit van alles in. Toen ik het parcours voor de eerste keer zag, was ik meteen enthousiast.” En dan, lachend: “Maar nu na die polsblessure is dat wat minder geworden.”

Van der Poel over Tourkansen Pogacar: ‘Als iemand het kan, dan is hij het wel’

Als er kansen komen, dan pakt Pogacar die. “Maar in een ideale wereld verover je de gele trui pas in de voorlaatste rit, zoals in 2020. Dan heb je veel minder last van druk. Het zal geen rustige eerste week worden, met kansen voor de klassementsrenners op het geel. Maar dan moet je die wel gaan verdedigen en of je dat wilt..!?”

Van der Poel dicht Pogacar kansen toe

Eerder is Mathieu van der Poel al aan de beurt geweest om met de media vooruit te blikken op de Tour. Hij dicht zijn maatje, ondanks de niet optimale voorbereiding van de Sloveen, kansen toe om voor de derde keer de Tour te France op zijn naam te schrijven.

“Als iemand het kan, dan is hij het wel”, zegt de Nederlander, die namens Alpecin-Deceuninck aan de start verschijnt. “Tadej heeft in het verleden al bewezen dat hij zich zonder te koersen klaar kan stomen voor grote wedstrijden.”

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here