‘Hij kwam altijd op voor anderen’

0
26
Theo Bos

NOS Voetbal

Precies tien jaar geleden overleed de man bij wie er serieuze vermoedens bestonden dat er geel-zwart bloed door zijn aderen stroomde en voor wie de titel ‘Mister Vitesse’ nog bescheiden is. Theo Bos. Zijn warmte wordt nog steeds gemist. En in deze dagen misschien nog wel een beetje extra.

“Het gaat er niet om hoe ze je noemen, maar om hoe je herinnerd wordt”, zegt voetbaltrainer John van den Brom over Bos, nog steeds geëmotioneerd als hij terugdenkt aan zijn vriend. “Als ik terugdenk aan de dingen die wij beleefd hebben, dan krijg ik een glimlach op mijn gezicht.”

Voormalig voetballer Theo Janssen kijkt eveneens met warme gevoelens terug op de avonturen die hij met Bos beleefde.

“Ik weet nog dat we een uitwedstrijd speelden bij NAC of Roda JC en ik van achteren werd aangevallen door een supporter. Theo was assistent-trainer en stond naast mij. Voordat ik er erg in had, zag ik die supporter door de lucht vliegen. Dat was Theo. Hij kwam altijd op voor anderen.”

Theo Janssen bij de herdenkingsdienst van Theo Bos in het stadion van Vitesse

Het is volgens Janssen, die nu assistent-trainer van Vitesse is, dan ook niet verwonderlijk dat de geest van Bos nog steeds rondwaart in Arnhem.

Bos groeide op in volkswijk Geitenkamp, speelde meer dan 400 officiële wedstrijden voor Vitesse en was daarna in verschillende rollen actief bij de club. Van jeugdtrainer tot hoofdcoach. “Hij was vooral een bijzonder mens.”

Eerste ontmoeting

De inmiddels 41-jarige Janssen leerde Bos als 12-jarig jochie kennen. “Ik was ballenjongen bij het oude stadion Nieuw-Monnikenhuize. Theo speelde daar en kwam naar mij toe. Hij was vriendelijk en geïnteresseerd.”

Later kwamen Janssen en Bos elkaar vaker tegen. Heel even als ploeggenoot. “Ik trainde toen ik zestien of zeventien was mee met het eerste. Dat was het laatste seizoen van Bos als voetballer.”

Toen ik trainer van Anderlecht was, kwam een doodzieke Theo speciaal naar België gereden om een training te bezoeken. Dat ontroert mij enorm.

John van den Brom

De mooiste herinnering aan Bos kwam later voor Janssen, die in 2001 zijn been brak. “Dat was een supermoeilijke tijd. Ik raakte mijn motivatie kwijt en had moeite om fit te blijven. Op een gegeven moment ging Theo elke dag met mij meefietsen. We praatten met elkaar en dat heeft mij erdoorheen gesleept. Het is een warm persoon met cynische en droge humor.”

Slaapmaatjes

De vriendschap tussen Van den Brom en Bos gaat nog verder terug. Ze werden in 1986 ploeggenoten van elkaar, vlak voordat Vitesse promoveerde naar de eredivisie, en speelden bijna tien seizoenen met elkaar. “We hebben zo veel beleefd. Ook met Edward Sturing erbij, Theo en ik waren slaapmaatjes en hebben toen veel gepraat met elkaar. Ook over zaken die niet over voetbal gingen.”

De gesprekken gingen bijvoorbeeld over kinderen en hun vrouwen, die goed met elkaar konden opschieten. Van den Brom wil de herinneringen aan Bos niet platslaan tot anekdotes over bijvoorbeeld carnaval en voetbalhumor. “De mooiste herinnering is dat ik jarenlang zijn ploeggenoot en vriend ben geweest.”

Theo Bos en John van den Brom op de teamfoto van Vitesse (1996)

Desalniettemin is er wel één specifiek moment dat Van den Brom aanhaalt. “Toen ik trainer van Anderlecht was, kwam een doodzieke Theo speciaal naar België gereden om een training te bezoeken. Dat ontroert mij enorm.”

Het tekent volgens Van den Brom het karakter van “ruwe bolster” Bos, die in Nijmegen werd geboren als zoon van een ongehuwde 18-jarige vrouw die hem ter adoptie aanbood. Hij kwam terecht bij de Arnhemse familie Bos.

Dat Bos tot het laatste moment strijdbaar was, blijkt een uit een gesprek dat NOS-verslaggever Joep Schreuder ruim twee maanden voor zijn dood met hem had. Bos onderging in die periode een chemokuur tegen alvleesklierkanker en werd wekenlang dagelijks bestraald. “Ik wil het maximale eruit halen.”

Weinig fratsen

Het interview blijft Schreuder voor altijd bij. “Theo Bos was een authentieke man met weinig fratsen. Als voetballer en als trainer. De kracht was zijn eenvoud. Het is niet gek dat hij nog steeds op een voetstuk bij Vitesse staat.”

2012: aangrijpend interview met zieke Theo Bos

Bos overleed uiteindelijk op 28 februari 2013, slechts 47 jaar oud. Bij zijn club is hij nog steeds niet vergeten. Ook vrijdag, tijdens de thuiswedstrijd tegen AZ, zullen ze hem in Arnhem herdenken tijdens de traditionele ‘Nummer 4-wedstrijd’.

Er is inmiddels een tribune naar hem vernoemd, er worden wedstrijden gespeeld ter nagedachtenis aan hem, ‘zijn’ nummer 4 wordt niet meer vergeven en op het trainingscomplex Papendal is een borstbeeld van hem te vinden.

Theo Bos was niet van het zeiken, maar van het doen. Daar heeft elke club er een paar van nodig.

Theo Janssen

Janssen loopt daar bijna elke dag langs. “Mede daardoor denk ik nog vaak aan hem. Ook heb ik nog contact met zijn weduwe.”

Ook Van den Brom, tegenwoordig werkzaam bij Lech Poznan. heeft nog contact met de familie van Bos en denkt nog vaak aan hem. “Laatst zag ik in Polen, want daar heeft Theo ook nog gewerkt, een foto van hem. Dan kan ik wel janken.”

Toch overheersen bij Janssen de positieve gevoelens. Vooral vanwege de manier waarop Bos in het leven stond. “Hij was niet van het zeiken, maar van het doen. Daar heeft elke club er een paar van nodig.”

LEAVE A REPLY

Please enter your comment!
Please enter your name here