Steeds meer banken scherpen hun beleid voor aflossingsvrije hypotheken aan en stellen strengere regels om risico’s te beperken. Deskundigen maken zich zorgen over onbedoelde effecten op de economie, en huiseigenaren zijn bezorgd dat ze hun huizen plotseling niet meer kunnen betalen, meldde Radar.
Bij een aflossingsvrije hypotheek betaalt de huiseigenaar de lening (of een deel ervan) tijdens de looptijd niet terug, maar betaalt hij alleen rente. De schuld wordt aan het einde van de looptijd van de hypotheek in één keer afgelost, meestal wanneer de woning wordt verkocht.
Dit resulteert in lagere maandlasten, maar toezichthouders als De Nederlandsche Bank (DNB) en de Europese Centrale Bank (ECB) hebben herhaaldelijk gewaarschuwd voor de risico’s van deze leningen. De lening wordt doorgaans pas afgelost bij verkoop van de woning, wat voor problemen kan zorgen als bijvoorbeeld de woningwaarde is gedaald. Mensen kunnen ook in de problemen komen als hun inkomen daalt na pensionering, werkloosheid of ziekte.
Verschillende grote Nederlandse banken nemen nu maatregelen om dat risico te mitigeren. Meestal treffen ze alleen nieuwe klanten of mensen die hun aflossingsvrije hypotheek aanpassen.
De Rabobank en dochter Obvion voeren per 11 mei strengere limieten in. Bij nieuwe hypotheken, oversluitingen of verhogingen kunnen klanten maximaal 30% van de woningwaarde aflossingsvrij lenen, met een absoluut maximum van € 150.000. Voor bestaande klanten verandert er niets zolang zij hun hypotheek niet aanpassen.
Ook de ASN Bank hanteert strengere limieten. Klanten konden voorheen tot 50 procent van de woningwaarde aflossingsvrij lenen. Vanaf 11 mei is dat 30 procent. Bestaande klanten zullen geen verandering merken zolang hun hypotheek ongewijzigd blijft. De bank noemt risicobeperking als voornaamste reden voor de aanpassing, mede op aandringen van toezichthouders.
ABN Amro en Florious voeren hun wijzigingen per 1 juni door. Beiden lenen tot 30 procent van de woningwaarde aflossingsvrij. Ook zij veranderen niets voor bestaande klanten zolang hun hypotheken ongewijzigd blijven. Maar de twee banken gaan ook bestaande klanten die hun aflossingsvrije hypotheken willen oversluiten of verhogen meer flexibiliteit bieden. Deze klanten kunnen tot 50 procent van de woningwaarde aflossingsvrij lenen.
ING is de enige grootbank die voorlopig geen wijzigingen doorvoert. De bank blijft tot 50 procent van de woningwaarde aflossingsvrij uitlenen. Wel laat de bank aan Radar weten bestaande klanten actief te waarschuwen voor de risico’s aan het einde van de looptijd.
Volgens Radar maken experts zich zorgen over onbedoelde gevolgen voor de economie. Mensen met een aflossingsvrije hypotheek kunnen bijvoorbeeld vermijden om te verhuizen om hun huidige voorwaarden te behouden, waardoor de stroom op de huizenmarkt stagneert. Huiseigenaren kunnen mogelijk ook minder lenen voor renovaties, met gevolgen voor de duurzaamheidsinspanningen en de bouwsector.
Volgens de Vereniging van Eigenaren (VEH) hebben ongeveer 2,5 miljoen huiseigenaren een aflossingsvrije hypotheek. De VEH waarschuwt dat veel van deze huiseigenaren in de problemen komen als ze de hypotheek die ze al jaren zonder problemen hebben afbetaald proberen te herfinancieren, en opeens met een hogere maandlast te maken krijgen omdat het aflossingsvrije deel kleiner is.
“Banken willen hun balansen beschermen, maar dit mag niet ten koste gaan van de consumentenbescherming”, zegt Cindy Kremer van VEH. “Mensen die hun hypotheek gemakkelijk kunnen betalen, komen vast te zitten omdat sommige banken weinig ruimte laten voor maatwerk, en dat ondermijnt de woonzekerheid.” De vereniging roept banken op om duidelijker te communiceren over de veranderingen die zij doorvoeren en maatwerk per klant mogelijk te maken.
Het ministerie van Financiën zei tegen Radar dat het de zorgen begrijpt, maar benadrukte dat banken ervoor moeten zorgen dat ze verantwoord lenen. “Omdat veel mensen na pensionering te maken krijgen met een lager inkomen, moeten hypotheekverstrekkers niet alleen beoordelen of de hypotheek nu financieel verantwoord is, maar ook na pensionering”, aldus het ministerie. Het voegde eraan toe dat veel huiseigenaren hun hypotheekrenteaftrek in 2031 en de jaren daarna zullen verliezen, wat betekent dat de netto hypotheeklasten zullen stijgen terwijl hun vermogen om deze te betalen afneemt.
“Hypotheekaanbieders en -adviseurs moeten het klantbelang voorop stellen en zorgvuldig met hun klanten omgaan. Zij moeten klanten met een aflossingsvrije hypotheek blijven benaderen om potentiële betaalbaarheidsrisico’s aan het einde van de aflossingstermijn te identificeren en klanten inzicht te geven in hun verschillende mogelijkheden”, aldus het ministerie.
