Een aanzienlijk deel van de Nederlandse openbaarvervoergebruikers geeft aan zich onveilig te voelen tijdens het reizen, waarbij vrouwen onevenredig getroffen worden, zo blijkt uit een nieuw onderzoek. Het Hart van Nederland Panel deed onderzoek onder 2.397 respondenten. Hieruit bleek dat 42 procent van de gebruikers zich regelmatig (18 procent) of soms (24 procent) onveilig voelt in de trein, bus of tram. Vrouwen rapporteerden een hogere mate van onveiligheid: 49 procent geeft aan zich regelmatig of soms onveilig te voelen, vergeleken met 36 procent van de mannen.
Uit het onderzoek blijkt de volgende verdeling van de veiligheidspercepties onder OV-gebruikers: 18 procent voelt zich regelmatig onveilig, 24 procent soms, 24 procent af en toe en 34 procent nooit. Van de vrouwen voelt 21 procent zich regelmatig onveilig en 28 procent soms, terwijl dit bij mannen respectievelijk 15 procent en 20 procent is.
De kwestie van de veiligheid in het openbaar vervoer werd woensdag besproken in de Tweede Kamer, met inbreng van deskundigen en organisaties die zich bezighouden met intimidatie en sociaal ongewenst gedrag in het openbaar vervoer. Bijzondere aandacht werd besteed aan de veiligheid van reizigers op stations en haltes, vooral vrouwen.
Eerder onderzoek dat in het debat werd aangehaald, waaronder een onderzoek uit 2024 van Pointer en AD, suggereerde dat 82 procent van de deelnemers zich onveilig voelde in het openbaar vervoer. Het Hart van Nederland Panel stelde echter dat de Pointer- en AD-enquête niet representatief was: deze was voor iedereen toegankelijk, deelnemers konden meerdere keren reageren en er werd actief gevraagd naar degenen die zich onveilig hadden gevoeld. Daarom is het werkelijke percentage reizigers dat zich onveilig voelt naar verluidt waarschijnlijk lager, hoewel de genderongelijkheid aanzienlijk blijft.
Staatssecretaris Annet Bertram van Infrastructuur en Waterstaat benadrukte dat veiligheid een gegeven moet zijn in het openbaar vervoer. “In het openbaar vervoer en op stations moet je je veilig voelen – als reiziger en werknemer. Dat zou vanzelfsprekend moeten zijn, maar dat is helaas niet overal en altijd zo. Bertram zei: “Zeker voor jongens en mannen, en zeker in de ochtend.”
Ze merkte ook op dat transitwerknemers steeds vaker met bedreigingen te maken krijgen. “Ook zien we dat OV-medewerkers vaker fysiek en verbaal worden bedreigd”, aldus Bertram.
De regering bereidt nieuwe maatregelen voor om deze problemen aan te pakken. Openbaar vervoer handhavers (ov-boa’s) zullen een grotere bevoegdheid krijgen om onruststokers aan te pakken en de identificatiemogelijkheden te verbeteren. Ook autoriteiten en vervoerders zullen nauwer samenwerken.
Bestaande maatregelen zijn al van kracht. NS heeft toestemming gekregen om ov-boa’s uit te rusten met knuppels. Er is 20 miljoen euro extra uitgetrokken om de stationsveiligheid te vergroten. De NS-chefconducteurs worden dit jaar uitgerust met bodycams, gefinancierd met 12 miljoen euro aan subsidies.
Het Hart van Nederland Panelonderzoek is representatief voor de volwassen Nederlandse bevolking, rekening houdend met geslacht, leeftijd, regio, opleiding en politieke voorkeur. Het onderzoek werd uitgevoerd door onderzoeksbureau No Ties, onderdeel van Highberg, met een steekproefomvang die voldoende was om een foutenmarge van 2,2 procentpunt te handhaven bij een betrouwbaarheidsniveau van 95 procent.











