De drie coalitiepartijen zeggen dat ze geen plannen hebben om wetgeving in te trekken die ervoor moet zorgen dat alle Nederlandse lokale overheden een eerlijk deel van de vluchtelingen opvangen, ondanks winsten voor extreemrechtse en anti-vluchtelingen lokale partijen bij de gemeenteraadsverkiezingen van deze week.
Volgens onderzoek van Ipsos I&O voorafgaand aan de verkiezingen was huisvesting veruit het belangrijkste probleem waarmee het land te maken kreeg, en kwam de openbare veiligheid op de tweede plaats. Maar in gebieden waar protesten tegen vluchtelingencentra hebben plaatsgevonden, hebben extreemrechtse partijen, waaronder veel lokale groepen, grote winst geboekt.
“De wet is de wet”, zei D66-fractievoorzitter Jan Paternotte donderdag in reactie op de uitslag. Paternotte zei dat hij de frustraties in sommige raden over de vluchtelingenkwestie begreep, omdat nationale regeringen er ‘een puinhoop van hebben gemaakt’.
Het extreemrechtse Forum voor Democratie nam deze week deel aan 104 van de 342 gemeenteraadsverkiezingen en won 299 zetels, vergeleken met 55 zetels in 50 raden in 2022.
In Velsen en Epe kwam de partij naar voren als de grootste, terwijl ze in Purmerend, Doetinchem en Eindhoven haar steun meer dan verdubbelde, waardoor ze een sleutelrol kreeg bij de vorming van nieuwe lokale besturen. In Haarlem en Alphen aan den Rijn is FvD drie keer zo groot als vroeger.
De PVV van Geert Wilders verdubbelde bijna het aantal raadsleden van 56 naar 98, maar stond op slechts 40 plaatsen. In Terneuzen, Zeeland, waar de burgemeester aftrad vanwege bedreigingen van anti-vluchtelingengroeperingen, verdubbelde de PVV haar steun om de grootste partij in de raad te worden.
In Wilders’ geboorteplaats Venlo halveerde de steun van de PVV echter en de grote winnaar was het Venloos Burger Initiatief, dat speciaal was opgericht om campagne te voeren tegen een vluchtelingencentrum.
In Den Haag, waar Hart voor Den Haag zeven zetels behaalde en er nu zestien in de raad heeft, heeft leider Richard de Mos vluchtelingen ook tot een belangrijk thema gemaakt. “Ik en mijn partij gaan ons uiterste best doen om de verspreidingswet niet ten uitvoer te leggen”, zei hij dinsdagavond tijdens het slotdebat.
Soortgelijke berichten en winsten waren er voor extreemrechts in Hoorn, Zwijndrecht, Maassluis, Oldebroek en Rhenen. In Hardenberg steeg een partij die tegen de ontwikkeling van een vluchtelingencentrum was van twee naar tien zetels.
Wetgeving
De vorige regering was van plan de wetgeving in te trekken die een gelijke verspreiding van vluchtelingen door het land zou garanderen, maar had geen tijd voordat deze instortte, en de nieuwe minderheidsregering heeft gezegd van plan te zijn de wet te handhaven.
Het COA schat dat er de komende achttien maanden 38.000 bedden nodig zullen zijn voor vluchtelingen, en de regering heeft er bij de gemeenten op aangedrongen solidariteit met elkaar te tonen en de lasten eerlijker te verdelen.
Asielminister Bart van den Brink zei dat hij hoopte problemen te voorkomen met nieuwe gemeentebesturen die tegen vluchtelingencentra zijn en dat hij van plan is om “te discussiëren, discussiëren en nog eens discussiëren”.
“Het is mijn taak om de wet in de praktijk te brengen. Ik moet het aantal vluchtelingen terugdringen… en tegelijkertijd… hebben we een gezamenlijke taak voor ons”, vertelde hij aan RTL Nieuws. “En dat is samen de wet in Nederland implementeren.”
Minder vluchtelingen
De Nederlandse immigratiedienst IND heeft vorig jaar 56% meer asielaanvragen afgewezen dan in 2024, zo meldde het CBS vorige maand.
In totaal hebben ambtenaren in 2025 7.400 verzoeken goedgekeurd en 8.100 afgewezen. Ook beoordeelden zij in 2025 5.600 verzoeken minder dan in 2024, ondanks pogingen om het proces te versnellen.
In totaal hebben vorig jaar in Nederland voor het eerst 24.070 mensen de vluchtelingenstatus aangevraagd, 8.000 minder dan in 2024, zo blijkt uit de cijfers van de IND uit 2025.











