Bestaande koopwoningen waren in april gemiddeld 4,3 procent duurder dan een jaar eerder, meldt het CBS op basis van cijfers van het Kadaster. De stijging van de huizenprijzen is verder afgevlakt. In maart stegen ze nog met 5 procent vergeleken met dezelfde maand vorig jaar.
De gemiddelde prijs van een bestaande eigen woning bedroeg in april € 486.101. De prijzen lagen gemiddeld 15,8 procent hoger dan de vorige piek in juli 2022. Op die piek volgde een periode van dalingen, maar sinds juni 2023 is de trend weer stijgend.
Vergeleken met maart 2026 bleven de huizenprijzen in april onveranderd. De vertragende prijsstijgingen houden verband met het feit dat verhuurders huurwoningen verkopen als gevolg van strengere regelgeving op de huurmarkt. Door deze uitverkoop nam het aanbod van koopwoningen toe, met vooral kleinere, goedkopere appartementen.
Het Kadaster registreerde in april ruim 19.000 woningtransacties, bijna 3 procent meer dan in dezelfde maand een jaar eerder. In het eerste kwartaal van 2026 wisselden in totaal ongeveer 75.000 woningen van eigenaar, een stijging van 7 procent op jaarbasis.
