Molukkers hebben de verontschuldiging van de Nederlandse regering voor de naoorlogse behandeling van hun gemeenschap verwelkomd, maar velen zeiden dat het te laat was, omdat velen van de eerste generatie – op wie de verontschuldiging gericht is – al zijn overleden.

Premier Rob Jetten sprak de erkenning zondag uit bij de onthulling van een rijksmonument in Rotterdam, een stap die hij naar verwachting zou zetten in de aanloop naar de ceremonie.

Jetten bood zijn excuses aan voor het ‘harteloze en oneervolle’ ontslag van de Molukse militairen, voor hun slechte ontvangst en huisvesting, en voor de jaren waarin hun lijden niet werd erkend. ‘Je wordt gezien,’ zei hij.

De reactie was er een van opluchting gemengd met verdriet, meldde de NOS. De aanwezigen zeiden dat de verontschuldiging was gekomen nadat de meeste van hun ouders en grootouders waren overleden. Verschillende burgemeesters van steden met Molukse gemeenschappen verwelkomden het als een eerste stap.

Jetten zei dat een verontschuldiging pas betekenis kreeg door de acties die erop volgden, en dat wat die zouden moeten zijn ‘niet concreet was vastgelegd’. De gemeenschap zou een belangrijke stem hebben, voegde hij eraan toe.

Soldaten en ballingen
In 1951 werden zo’n 12.500 Molukkers naar Nederland gehaald. Het waren huurlingen die voor het Nederlandse koloniale leger, het KNIL, hadden gevochten in de oorlog van 1945 tot 1949 tegen de Indonesische onafhankelijkheid.

Na de Nederlandse nederlaag werden ze gezien als collaborateurs en konden ze niet veilig naar huis terugkeren, en de onafhankelijke republiek waarop ze hadden gehoopt is nooit uitgekomen.

Ze arriveerden in de verwachting dat ze zes maanden zouden blijven, maar werden in plaats daarvan bij aankomst uit het leger ontslagen en hun families werden ondergebracht in voormalige oorlogskampen, waaronder Westerbork en Vught.

Die behandeling liet littekens achter die doorliepen naar latere generaties, een geschiedenis die is beschreven in een recent boek over de gemeenschap. Jetten waarschuwde ervoor om het niet terug te brengen tot het geweld van de jaren zeventig, toen jonge Molukkers treinen kaapten en een school gijzelden in een gewapende campagne voor een onafhankelijk thuisland.

De verontschuldiging volgt op jarenlange oproepen tot erkenning, onder meer van de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema. Vorige week steunde een grote meerderheid van de Kamerleden een motie van Don Ceder van de ChristenUnie voor een onafhankelijk onderzoek naar de behandeling van Molukkers, waarvan de bevindingen begin 2027 verwacht moeten worden.

De Molukse gemeenschap in Nederland telt inmiddels ruim 75.000 mensen.

Share.
© 2026 Nederlandkeer. Alle rechten voorbehouden.
Exit mobile version