De Nederlandsche Bank heeft ingestemd met een verzoek van pensioenfonds ABP om over te stappen op de nieuwe, vernieuwde pensioenregeling van het land. Het ambtenarenfonds is het grootste van Nederland en behoort volgens gegevens uit 2025 over beheerd vermogen tot de vijf grootste ter wereld. Het is de bedoeling om op 1 januari de overstap te maken.
De financiële situatie aan het begin van het jaar zal voor een groot deel bepalen hoeveel geld ABP vervolgens kan uitdelen. ABP had eind mei een dekkingsgraad van 126,6 procent. Dat betekent dat het 126,60 euro achter de hand heeft voor elke 100 euro die gepensioneerden nu ontvangen of gaan krijgen.
“Hoe hoger de dekkingsgraad, hoe meer er uit te keren valt”, aldus directeur Yolanda Verdonk-van Lokven, directeur ABP Pensioenen. Wanneer de dekkingsgraad echter lager is, is er minder geld beschikbaar om uit te keren.
Onlangs heeft De Nederlandsche Bank (DNB) het onderzoek afgerond naar de documentatie van ABP, dat 3,2 miljoen pensioendeelnemers in het land vertegenwoordigt. Als centrale bank van het land heeft DNB de taak te garanderen dat alle deelnemers een evenwichtige uitkomst zien als fondsen de overstap maken van het huidige pensioenstelsel.
Het besluit van DNB was een “belangrijke mijlpaal” die culmineerde na jarenlang werken met relevante belanghebbenden en functionarissen, aldus Verdonk-van Lokven. Over een klein half jaar gaat ABP verder met de voorbereidingen voor de transitie naar de vernieuwde pensioenregeling.
Later deze maand zal ABP beginnen met het versturen van voorlopige overzichten met inschattingen naar de deelnemers over hun positie en het vernieuwde pensioen. Dit wordt gefaseerd afgehandeld tot en met november.
Andere grote pensioenfondsen zoals het op één na grootste pensioenfonds van het land, PFZW, maar ook PMT en bpfBOUW zijn al overgestapt op het nieuwe systeem. Bij deze fondsen kunnen de pensioenen door de transitie flink stijgen.
