Het Nederlandse Urban Search and Rescue (USAR)-team vertrok vrijdag naar Venezuela om te assisteren bij de nasleep van twee verwoestende aardbevingen. De Nederlandse regering heeft 2 miljoen euro uit haar noodhulpfonds vrijgemaakt om de humanitaire respons te ondersteunen. De USAR-inzet bestaat uit 65 specialisten en acht speurhonden.
Het team bestaat uit reddingswerkers, verpleegkundigen, hondengeleiders, een arts, een bouwkundig ingenieur en ICT-specialisten afkomstig uit de brandweer, politie, leger en ambulancediensten. De inzet omvat ongeveer 16 ton aan apparatuur, waaronder geavanceerde luistertechnologie en camera’s die zijn ontworpen om reddingswerkers te helpen overlevenden te lokaliseren die vastzitten onder het puin.
Twee krachtige aardbevingen troffen Venezuela woensdagavond en veroorzaakten wijdverbreide verwoestingen rond de hoofdstad Caracas en de kuststad La Guaira. Tot nu toe is bevestigd dat ten minste 188 mensen om het leven zijn gekomen, maar de autoriteiten waarschuwen dat het dodental waarschijnlijk nog zal stijgen. Honderden worden nog steeds vermist onder het puin.
Het reddingsteam verliet vrijdag rond het middaguur de vliegbasis Eindhoven aan boord van een Nederlands militair transportvliegtuig. Hun aankomst in Venezuela wordt later op vrijdagavond, lokale tijd, verwacht.
Venezuela heeft de Nederlandse regering formeel om hulp gevraagd. Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sjoerd Sjoerdsma zei dat Nederland onverwijld instemde vanwege de ernst van de ramp en de nabijheid van Venezuela tot het Koninkrijk der Nederlanden via de Benedenwindse Eilanden.
De belangrijkste rol van het team is het vinden, lokaliseren en bevrijden van overlevenden die vastzitten onder ingestorte constructies. Het helpt waar mogelijk ook bij het coördineren van internationale hulpinspanningen, in nauwe samenwerking met lokale autoriteiten en andere reddingsteams ter plaatse.










