Een Rotterdamse witwaszaak die is afgehandeld met een boete van zeventig miljoen euro kan in verband worden gebracht met de beroemdste goudroof uit de Britse geschiedenis, meldt het Financieele Dagblad. De krant herleidde het geld op de ING-bankrekening van een Rotterdamse beleggingsmaatschappij tot een Brit die in verband werd gebracht met de Brinks-Mat-overval in 1983. Na veel ondervraging bevestigde het Rotterdamse Openbaar Ministerie (OM) de boete voor het witwassen van geld ‘zonder dat er sprake was van een onderliggend misdrijf’, waardoor niet kon worden bewezen van welk misdrijf het witgewassen geld afkomstig was.

Het FD bracht de goudoverval in verband met de witwasser, Geoffrey Greenlees, op basis van Nederlandse rechterlijke uitspraken en Britse publicaties. Volgens de krant hield het OM deze zaak volledig geheim totdat het FD ernaar vroeg.

In november 1983 braken zes gewapende mannen in in de kluis van beveiligingsbedrijf Brink’s Mat op de luchthaven Heathrow en stalen drie ton goudstaven. Bij de huidige goudprijs is dat €357 miljoen waard. Na de overval werd het goud omgesmolten en witgewassen via talloze belastingparadijzen. Verschillende overvallers en witwassers zijn veroordeeld, maar het grootste deel van het goud is nooit teruggevonden.

Geoffrey Greenlees, het middelpunt van het Nederlandse onderzoek, kwam voor het eerst aan het licht in verband met de goudroof tijdens een rechtszaak in 1990. Jean Savage, een vriendin van een van de daders, stond terecht wegens het witwassen van £ 2,5 miljoen uit de overval. Ze deponeerde verschillende plastic zakken gevuld met bankbiljetten van £ 50 bij een bank in Croydon, Zuid-Londen. Volgens de Britse autoriteiten is dat geld overgemaakt naar een rekening van Greenlees in Dubai.

De Londense politie lanceerde een klopjacht op Greenlees, maar slaagde er nooit in hem te arresteren. Hij stierf in 2021, op 84-jarige leeftijd, zonder ooit ondervraagd of gearresteerd te zijn.

In 2016 dook de naam van Greenlees op in de Panama Papers, gelekt bij advocatenkantoor Mossack Fonseca. Hij werd vermeld als aandeelhouder en directeur van talrijke lege vennootschappen gevestigd in belastingparadijzen zoals de Kaaimaneilanden en Samoa. Eén van deze lege vennootschappen leidde naar Rotterdam.

Via een structuur waarbij Curaçao, Australië en de Kaaimaneilanden betrokken waren, was Greenlees eigenaar van de investeringsmaatschappij MCL Nederland. ING, waar MCL ruim €70 miljoen had gestort, begon in 2015 vragen te stellen over Greenlees en bevroor de rekening van MCL. De FIOD, de opsporingsdienst van de Belastingdienst, heeft begin 2017 beslag gelegd op de rekening op verdenking van witwassen.

Na zes jaar onderzoek en na de dood van Greenlees legde het OM MCL in 2024 een boete van € 70 miljoen op wegens witwassen. Van dat bedrag ging € 52,5 miljoen naar de Australische belastingdienst, het overige naar de Nederlandse schatkist.

Het OM bevestigde tegenover het FD dat het strafrechtelijk onderzoek naar MCL en Greenlees is gestart naar aanleiding van een melding van een bank. De Brink’s Mat-overval speelde aanvankelijk een rol in het onderzoek, maar het OM kon geen bewijs vinden dat het geld op de rekening daaraan gekoppeld was, zegt een woordvoerder tegen het FD. Het bedrijf werd veroordeeld voor ‘witwassen zonder onderliggende overtreding’, waardoor onduidelijk is waar het geld vandaan komt, maar de omstandigheden zo verdacht zijn dat er geen legale herkomst mogelijk is.

Het OM legde niet uit hoe het een verband met Brink’s Mat niet kon bewijzen, noch waarom het merendeel van de boete naar de Australische belastingdienst ging. De advocaten van MCL weigerden met FD te spreken. ING en de Australische belastingdienst vertelden de krant dat ze niet konden reageren op individuele gevallen.

Share.
© 2026 Nederlandkeer. Alle rechten voorbehouden.
Exit mobile version